Amazon zal voor weinigen een onbekende zijn. Stukje bij beetje ontsluit het bedrijf ook in onze regio haar diensten. Op uitnodiging van Amazon en AWS namen we tijdens European Innovation Day een kijkje achter de schermen.

De cijfers

We krijgen meteen aan het begin enkele interessante cijfers te horen: zo heeft het bedrijf sinds 2010 meer dan 27 miljard euro geïnvesteerd in Europa en wordt er tijdens het evenement aangekondigd dat het inmiddels meer dan 5500 IT-banen heeft gevuld in Europa. Op dit moment is Amazon druk bezig om nog honderden vacatures te vullen in hun Development Centers, onder andere in Nederland. Verder weet de organisatie te melden dat inmiddels bijna een miljoen bedrijven in Europa hun voordeel doen met de technologie van Amazon. Je kunt hierbij denken aan integraties van Alexa, maar ook aan de mogelijkheden die Amazon biedt middels haar webshop, waar inmiddels meer dan 50 procent van de producten via derden wordt verkocht. Dat laatste is overigens een wereldwijd cijfer. Het mag duidelijk zijn dat Amazon Europa als een belangrijke markt ziet. Sterker nog, het doet de belofte om de investeringen alleen maar op te schroeven.

Machine learning en Alexa

Amazon lijkt op het eerste gezicht niet zo spannend als AWS als je puur kijkt naar wat het ons als IT-liefhebbers te melden heeft. Daarmee doe je dit onderdeel van het bedrijf echter toch tekort, zoals je ook op basis van het aantal IT-banen al kunt concluderen overigens. Met name op het gebied van machine learning en Alexa (beide draaien overigens op AWS), investeert Amazon zoals al aangegeven veel in verbeteringen. Als het gaat om Alexa, dan is Amazon erg duidelijk: dat wordt een cruciaal onderdeel van de toekomst van het bedrijf. Voice is the next interface, horen we die dag meerdere keren, bij wijze van echo van wat we tijdens Dreamforce van Salesforce ook al meerdere keren hoorden. Het is een nog natuurlijker manier van interageren dan bijvoorbeeld touchscreens zijn. Hierbij gaat het overigens niet alleen om de diensten die Amazon zelf aanbiedt. Ook allerlei smarthomeproducten en externe applicaties moeten aangestuurd kunnen worden. Denk aan Philips Hue lampen, thermostaten, maar bijvoorbeeld ook een applicatie die je vertelt welke container er deze week opgehaald wordt. Uit cijfers die Amazon die dag deelt, wordt duidelijk dat het aantal apparaten dat kan worden aangestuurd extreem aan het groeien is: van 4000 apparaten eind vorig jaar, tot zo’n 20.000 nu.

Veel training nodig

Let wel, om stembediening ook daadwerkelijk effectief in te kunnen zetten, moet Alexa grondig getraind worden. Dat is geen eenvoudig proces, omdat taal complex is. Mensen snappen dat, maar computers niet. Bij het doorzoeken van Amazon (Music, de webshop, Video) moeten er allerlei nuances aangebracht worden. Als je bijvoorbeeld op zoek bent naar de soundtrack bij Mamma Mia! 2 en je vraagt het ook op die manier, dan moet duidelijk zijn dat Mamma Mia Here We Go Again bedoeld wordt. Dat wil zeggen, het model erachter moet snappen dat dit de sequel is. Dat is in de praktijk helemaal niet zo eenvoudig voor computers als het voor ons mensen lijkt. Al helemaal niet als je het op de schaal moet doen waarop het door Amazon gedaan wordt. Bij het trainen van een model moet je er daarnaast ook nog rekening mee houden dat niet alles wat publiekelijk beschikbaar is online voor het model ook daadwerkelijk waar is. Ook hier geldt ‘crap in, crap out’, zoals bij alle dataverwerking die wordt geautomatiseerd. Denk daarnaast ook aan het al dan niet volledig uitspreken van acroniemen. Tijdens een demo werd bijvoorbeeld onderscheid gemaakt tussen Cambridge, UK en Cambridge, MA. In het eerste geval moet het model er UK van maken, in het tweede Massachusetts.

Datacenter voor tv’s

Wat ons betreft het interessantste onderdeel van de European Innovation Day is de rondleiding die we aan het einde van de dag krijgen door het Prime Video Development Center. Daar zien we namelijk een interessante variant op de as-a-Service-benadering die we gedurende het jaar ook tegenkomen in bijvoorbeeld het datacenter.
Als je als Amazon een dienst aanbiedt zoals Prime Video, dan moet je er rekening mee houden dat die op veel verschillende apparaten geïnstalleerd kan worden. Daarbij gaat het uiteraard om mobiele apparaten, maar ook om apparaten zoals tv’s en andere randapparatuur (onder andere Playstation, Xbox, Nvidia Shield). Met name tv’s zijn sterk in opkomst als voornaamste ‘afspeelpunt’ voor Prime Video. Amazon wil graag een zo goed mogelijke beeldkwaliteit kunnen bieden voor haar gebruikers. De apparatuur waarop de Prime Video-toepassing draait, heeft hier echter een grote invloed op. Dit gaat vrij diep, dus ook op het niveau van de processor en het gekozen werkgeheugen bijvoorbeeld. Vandaar ook dat men continu bezig is om de playback te optimaliseren voor zoveel mogelijk apparaten.

Stap 1: alles handmatig
Op dit moment gaat dit kalibreren van software op hardware nog grotendeels handmatig. Of eigenlijk op het zicht, want bij Amazon gebruiken ze hier zogeheten Goldeneyes voor, mensen met uitstekende ogen die zeer bedreven zijn in het kunnen onderscheiden en duiden van kleuren. Deze mensen kunnen bijvoorbeeld High Dynamic Range op verschillende tv’s beoordelen. Op basis daarvan worden er aanpassingen doorgevoerd in de playback, zodat er op ieder apparaat een optimaal beeld getoond kan worden. Dit betekent overigens niet dat er op iedere tv bijvoorbeeld dezelfde kwaliteit getoond kan worden. Daarvoor ben je natuurlijk nog altijd deels afhankelijk van de kwaliteit van de gekozen onderdelen.

Stap 2: automatiseren
Op zich is het eindresultaat bij stap 1 doorgaans uitstekend, het schaalt niet zo lekker op natuurlijk. En dat is nu juist wel wat een bedrijf zoals Amazon nodig heeft. Vandaar dat er nu in het automation lab wordt gekeken of alles werkbaar te automatiseren is. Het idee is om een client farm service op te zetten, waar een engineer op afstand gebruik van kan maken. Hij kan dan inloggen en bijvoorbeeld zeggen dat hij een Sony BRAVIA-tv wil hebben, om te kijken hoe bepaalde content daarop gerenderd wordt. Het grootste voordeel hiervan is natuurlijk dat niet alles meer hands-on hoeft te gebeuren. Je kunt overal vandaan bij de devices, dus er kunnen veel meer mensen mee aan de slag. Virtualisatie is overigens het niet, want er moet nog wel steeds een fysiek apparaat aangezet worden.

Stap 3: doorschalen
Als alles in stap 2 goed werkt, dan kan er gekeken worden naar serieus doorschalen. Het einddoel hiervan is racks met tv’s en andere apparaten, compleet met onder andere koeling. Eigenlijk alles wat je van een datacenter gewend bent, maar dan hangen de racks vol met tv’s. Uiteindelijk is het ook de bedoeling dat met camera’s in de gaten gehouden wordt dat alles goed verloopt, dus dat een apparaat reageert zoals hij zou moeten reageren. Ook automatische testapparatuur voor de beeldkwaliteit van de tv’s zal worden ingezet.
Op deze manier kan een proces dat in eerste instantie lastig schaalbaar leek, toch goed doorschalen, volgens Amazon. Je moet het qua schaalgrootte ook echt zien als een datacenter. Dit soort client farms zullen ook in soortgelijke gebouwen worden opgetuigd.

Resultaat van de focus op gebruiksgemak

Al met al gebeurt er achter de schermen bij een bedrijf zoals Amazon behoorlijk wat, soms ook op gebieden waar je in eerste instantie wellicht niet zo bij stilstaat. Tijdens de bijeenkomst hamerde Amazon – evenals om het even welk ander bedrijf dat we tegenwoordig spreken – op het centraal stellen van de klant. Dan is een ontwikkeling zoals we hierboven hebben gezien onder de streep eigenlijk een logisch gevolg. Amazon wil iedereen de best mogelijke gebruikerservaring geven, stellen ze. Als daarvoor hallen volgehangen moeten worden met tv’s en andere apparatuur waarop Prime Video draait, dan moet dat ook gebeuren. Of het ook echt een succes gaat worden, is nu nog lastig te zeggen. Het geeft echter wel aan dat de retoriek rondom het doen van investeringen, niet van de holle variant is.

Auteur: Sander Alemekinders